Dat de kredietcrisis stilaan omslaat in een echte economische crisis bewijzen de dramatische cijfers uit de uitzendsector. Maar liefst zevenduizend (7000!) uitzendkrachten, verdeeld over honderden bedrijven,kwamen de voorbije weken zonder job te zitten. De uitzendkantoren spreken van 10 tot 15% minder werk. Juist nu wordt de druk om interim-arbeid ook toe te laten bij de overheden steeds groter. Een pleidooi om hieraan niet toe tegeven.
Interim-arbeid wordt in België steeds meer toegepast ter vervanging van vaste jobs, wat initieel zeker niet de bedoeling was en ingaat tegen de voorwaarden die interim-arbeid mogelijk maken. Ondanks het feit dat uitzendkrachten soms doorgroeien naar een tijdelijk of vast contract, zien bedrijven hen vooral als goedkope werkkrachten die makkelijk kunnen ingeschakeld worden en weer even makkelijk op straat kunnen gezet worden.Daarom is het wel en wee van de ‘interimmers’ ook een goede indicator voor de gezondheid van een economie.
Interim-arbeidershebben uiteraard niet dezelfde rechten als arbeiders of bediendes met een contract en zitten daardoor in een maatschappelijk kwetsbare situatie. Zo is er een gebrek aan toekomstperspectief. Een interim weet nooit zeker hoelang zijn contract zal lopen en is overgeleverd aan de grillen van het bedrijf waarvoorhij/zij werkt. Elke werkdag kan de laatste zijn. Klop op die manier maar eens aan bij een bank voor een auto- of woonkrediet! Van een interim wordt dikwijls ook een overdreven flexibiliteit verwacht. Zo kan het zijn dat hij/zij de ene week 20 uren moet werken en de andere week 38 uren. Op die manier is het moeilijk om een evenwicht te vinden tussen het arbeids- en gezinsleven.
Uitzendkrachten krijgen misschien wel hetzelfde loon als hun vaste collega’s, toch kunnen ze op heel wat minder sociale voordelen rekenen. Bijkomende vergoedingen of voordelen als maaltijdcheques, eindejaarspremies, vakantiegeld, enz. zijn niet aan hen besteed. Er wordt op die manier een loonsongelijkheid gecreëerd die ook druk zet op de loonsvoorwaarden van de vaste krachten. Op de lange duur zal zoiets leiden tot de verdere uitholling van de invulling van alle huidige statuten, het aanwervings- en ontslagsysteem, enz. Tot slot komen er ook meer misbruiken voor binnen de uitzendsector. Contractverlengingen worden gebruikt als drukkingsmiddel om te komen werken of om de flexibiliteit op te drijven, jarenlange interim-arbeid bij hetzelfde bedrijf wordt nooit beloond met een contract of de regelgeving over loon- en arbeidsvoorwaarden wordt niet correct nageleefd.
Aldeze factoren creëren een sfeer van jobonzekerheid. Hans De Witte, professor arbeidspsychologie, maakte in 2006 de resultaten bekend van een jarenlang onderzoek naar de gevolgen van jobonzekerheid. Daaruit bleek dat ruim 12% vande werknemers zich onzeker voelt over zijn baan en dat ruim een kwart van de werkende bevolking regelmatig vreest voor jobverlies. Wie in zijn omgeving of sector veel ontslagen ziet vallen, begint automatisch voor de eigen baan tevrezen. Veel bedrijfsleiders denken dat een beetje onzekerheid goed is voor de productiviteit maar uit het onderzoek van De Witte bleek juist dat de motivatie en de inzet dan dalen. De vrees voor ontslag zorgt immers voor een negatief klimaat met gevoelens van achterstelling en onvrede, wat zich vertaalt in een negatieve houding tegenover vreemdelingen, de medemens en de politiek in het algemeen.
Als Vlaams volksvertegenwoordiger voor sp.a en OCMW-voorzitter, maar vooral vanuit sociaal-maatschappelijk oogpunt, ben ik sterk gekant tegen het uitbreiden van interim-arbeid, zeker naar de overheidssector toe. Niet alleen omwille van bovenstaande redenen maar ook omdat (lokale) overheden een voorbeeldfunctie hebben en niet moeten meegaan in een verhaal waarbij mensen, die net zoals u en ik hun leven in handen willen nemen en toekomstplannen koesteren, botsen op een muur van onzekerheid, machteloosheid en blokkering.Aangezien uitzendarbeid vooral federale materie is – en de we de standpunten van de huidige federale regeringspartijen hieromtrent kennen – en de druk voor soepelere voorwaarden inzake uitzendarbeid ook vanuit Europa toeneemt, hou ik de toekomstige ontwikkelingen nauwlettend in het oog. Ik sta niet achter een ingreep die ervoor zorgt dat de druk op onze arbeiders en werknemers nog maar eens toeneemt, dit door een kapitalistische mentaliteit die stilaan in alle gelederen van onze maatschappij is doorgedrongen maar die, zoals we de laatstemaanden konden ondervinden, ook een keerzijde heeft. In onze economie moet er zeker ruimte zijn voor flexibiliteit, maar uitzendarbeid moet de uitzondering blijven.
|